Interview met Hugo Borst
Op dinsdagochtend 7 oktober 2003 kom ik café Westerpaviljoen binnen. Ik ben wat vroeg dus ik neem eerst wat te drinken en lees nog even de Spits van de dag. Vijf voor half elf komt hij binnenlopen en neemt, net binnen, zijn telefoon op. Na een gesprek van ongeveer drie minuten hangt hij op en komt op mij aflopen. “Jij bent zeker Matthijs? Goedemorgen, Hugo Borst.”
Je hebt mij verteld dat je zelf geen journalistieke opleiding hebt gehad, hoe ben je dan toch zo succesvol geworden?
Ik ben begonnen bij huis-aan-huis-bladen, op mijn achttiende van de havo afgekomen en mijn broer was journalist. Hij is acht jaar ouder en ik wist nog niet goed wat ik wilde worden. Toen heb ik een keer, dankzij mijn broer, een stukje mogen schrijven voor het Vrije Volk, maar dat werd helemaal herschreven. Daar was ik heel boos over, want ik vond dat ze het er niet beter op hadden gemaakt. Mijn broer zei ‘dan moet je voor huis aan huis bladen gaan schrijven’, dus dat deed ik ook. Dat is natuurlijk niet de goede manier, omdat ik per regels werd betaald, een kwartje per regel. Dus schreef ik zo lang mogelijke stukjes, waardoor de kwaliteit van die stukjes achteruit ging. Dat is natuurlijk niet de bedoeling. Daarna ben ik bij Radio Rijnmond bureauredacteur van het sportprogramma geworden voor een paar maanden en toen kwam van de Voetbal International een advertentie voor leerling-verslaggever.
Leerling-verslaggever, betekent dat dat ze je het daar echt gaan leren?
Niet echt, toen ik dat ben geworden ben ik gewoon in het diepe gegooid. Ik was daar samen met een andere jongen begonnen, die het niet lang heeft volgehouden, die is dus ook niet ver gekomen. Maar ik mocht al meteen verhalen maken, uiteindelijk kwam ik in het hoofdbedrijf. Echt begeleiding kreeg ik niet echt, alleen als je dan wat zegt dan wordt je op je nummer gezet door Jansma of Johan Derksen. Ik kwam bij de VI in 1985 en daar heb ik 6 jaar gezeten. Ik mocht ook meteen naar het buitenland, dat was een buitenkansje, ik heb dus echt mazzel gehad. (more…)