Franz Ferdinand lijkt meer dan een hype

Matthijs van der Ven | November 25th, 2003 - 12:04 pm

Maatschappij Internationaal Online

Op het moment dat de single ‘Darts Of Pleasure’ van Franz Ferdinand verscheen, kwam bij velen meteen de hoop op dat het album allemaal nummers van dezelfde kwaliteit zou bevatten. Ook het Engelse muziektijdschrift NME had goed opgelet, bombardeerde de band tot de nieuwe sensatie en berichtte sindsdien wekelijks over ongeveer alles wat de band deed. Vaak gebeurt het niet dat een Schotse band internationaal doorbreekt en al helemaal niet met het tempo waarop Franz Ferdinand dat op dit moment doet.

De vraag is in hoeverre media, met name NME, van een band zoals Franz Ferdinand een hype kunnen maken, zonder dat de muziek een grote rol speelt. In dit geval lijkt het er echter op dat de band, behalve door middel van hun album, ook voornamelijk via de live-shows deze hype rechtvaardigen.

Eind 2001, begin 2002, komt het verhaal op gang. Na het eerste optreden, midden in een slaapkamer in het kader van een Girls Art-expositie, georganiseerd door wat studenten die hadden gehoord van Franz Ferdinands intentie om ‘music that girls can dance to‘ te maken, bezetten ze samen hun eerste kraakpand: het leegstaande Art-Deco warenhuis. Franz Ferdinand repeteerde er, organiseerde er drukbezochte feestavonden met kunstexposities en optredens van bands. Ze wilden complete evenementen, er méér dan alleen muziek bij betrekken.

De muziekscene in Glasgow was alive and kicking. Mede dankzij de evenementen die het viertal organiseerde, groeide de achterban van Franz Ferdinand op eenvoudige wijze gestaag, zonder enige vorm van publiciteit. Totdat de politie kwam en het feest voorbij was. Al snel vonden ze nieuw onderdak in de Victoriaanse rechtszaal met bijbehorende gevangenis. Ook hier vonden spetterende evenementen plaats, die soms het oude, broze gebouw zo deden trillen dat het leek alsof het gigantische, hoge plafond dreigde in te storten. Bands als ‘Isle of Lucy’, ‘Park Attack’ en ‘Sons and Daughters’ traden er op tussen vele andere Schotse acts.

Hun muziek doet bij vlagen denken aan The Talking Heads, soms aan The Fall, en de groep heeft dezelfde ‘we zijn wel arty, maar niet pretentieus’-uitstraling als Blur in zijn begindagen. Toch is Franz Ferdinand wel verfrissend. Het is nonchalant en luchtig, maar nergens oppervlakkig. De Schotten zijn intelligente jongens, afkomstig uit de kunstwereld, met een scherp oog voor wat werkt in de pop. Niet alleen krachtige dansbare liedjes, maar ook aansprekende en een tikje raadselachtige teksten en hippe vormgeving.

Er was een periode waarin er weinig bands werden gecontracteerd in Groot-Brittannie. Dat kwam omdat werkelijk alle platenmaatschappijen een negatief gevoel kregen bij de zogeheten Britpop. De jaren ervoor waren ze constant op zoek geweest naar waardige opvolgers voor Oasis of bijvoorbeeld The Verve. Het aanbod was continu overweldigend, het talent zeldzaam. Bijna geen enkel bandje kon aan de gespannen verwachtingen voldoen. Dat was een grote strop voor alle platenmaatschappijen. Het gevolg was dus dat ze al snel een slecht gevoel kregen bij het zoveelste Britse gitaarbandje.

Met de release van het titelloze album is eindelijk de Britse aanval op Amerikaanse acts als The White Stripes en The Strokes ingezet. Hier en daar kruipen invloeden uit het vroegere Britpopimperium door de rocknummers heen; een snufje Radiohead uit de tijd van Pablo Honey, flirts met Pulp en een tikkeltje Suede. De band laat zich niet door een paar specifieke bands beïnvloeden. Door de diversiteit aan invloeden krijgt de band een eigen geluid, ondanks dat er veel geleend wordt van andere artiesten.

Groot-Brittannie heeft wederom een hype om trots op te kunnen zijn. Nu de onstuimige Britpop is uitgewoed, is er in Engeland ruimte voor een andere stijl. Die werd al gedeeltelijk opgevuld door populaire groepen als Muse en Coldplay. In hun muziek valt vooral de dwalende zang op. Zinnen worden niet meer op een toon gezongen; de stemmen lijken allerlei noten af te tasten.

Hoewel er onderling ook voldoende verschillen te bedenken zijn, betekende de opkomst van groepen als Muse en Coldplay volgens de Engelse pers het einde van ‘laddism’. Laddism was de gedragscode van de kopstukken uit de Britpop-stroming; zij hielden zich, behalve met muziek, bezig met bier drinken, drugs gebruiken, luidruchtig gebral, voetballen en vechten. Bands als Oasis, Blur en Pulp voerden in de Britpop-jaren de boventoon. Hoewel bijvoorbeeld Oasis nog steeds wereldwijd erg populair is en naar verwachting tussen september en december 2004 weer een nieuw studioalbum zullen uitbrengen, is de hype rond Britpop wel verdwenen.

Ook Franz Ferdinand lijkt dus de juiste toon aangeslagen te hebben en is de nieuwe hype in Groot-Brittannie. De Schotse band heeft met zijn debuutalbum en live-shows al een gedeelte van de hype waargemaakt. De tijd zal leren of deze hype voort zal blijven duren.

You can leave a response, or trackback from your own site.

Leave a Reply