The Kevin Costners – ‘Come On In’

Matthijs | May 31st, 2008 - 1:16 pm

Wat in eerste instantie een enorm direct begin lijkt, blijkt tegelijk een rustige opmaat naar een no-nonsense openingsnummer van The Kevin Costners; ‘Laid Me Loved Me’. Een catchy liedje, niet zozeer meezingbaar als wel na een luisterbeurt herkenbaar. Live klinkt dit flink lekker, op het album is het juiste gevoel mee opgenomen. Datzelfde geldt voor ‘Too Hard Won’, waarop de stem van zanger Bouke Zoete iets meer naar voren komt en een aanstekelijk melodietje de zomer in het hoofd brengt.

Het is duidelijk dat ‘Come On In’, het debuut van The Kevin Costners verschenen op Excelsior, de juiste titel mee heeft gekregen. In een krappe zeven minuten is de ruimte in je hoofd voor andere muziek verkleind naar miniscuul; The Kevin Costners zijn ongevraagd binnengedrongen en blijken nog welkom ook.

Na een rustiger moment in ‘Maybe’, komt de eerste single van de band uit de regio Nijmegen langs: ‘Lack Of Sun’. Geen begin dat er in hakt, maar zodra het refrein in de buurt komt, wordt de singlekeuze duidelijk. Vrolijk mee-‘papapa’-ën doen natuurlijk veel mensen graag zodra de zon schijnt.

De hand van de min of meer vaste Excelsior-producer – hoewel steeds meer bands uit de stal ook buiten de studio in Weesp hun heil zoeken; zie bijvoorbeeld GEM, Solo en Do-The-Undo – Frans Hagenaars is op ‘Come On In’ merkbaar. Scherpe randjes zijn er vakkundig afgeschaafd, wat er tegelijk wel voor zorgt dat het ouderwets fijn klinkt in de woonkamer. Toch hadden de scherpere randjes ook best echt pijn mogen doen. Van een goede schaafwond is nog nooit iemand slechter geworden.

Het leuke aan The Kevin Costners is dat het altijd melodieus is, eenvoudig maar niet vaak voor de hand liggend en dat ze zowel de kalme momenten als de rockende lijken te beheersen. En dat dit ook op het debuutalbum zo goed te horen is. Een mooi voorbeeld daarvan is ‘Election Eve’, dat begint met slechts een gitaar en zang, maar in de tweede helft licht gaat freaken; een repeterend melodietje met daaromheen zoveel spanning dat het wachten is op de echte vulkaanuitbarsting. Wellicht evenzo typerend is het feit dat die uitbarsting dan toch niet komt en het langzaam weer rustig wordt. De lava blijft binnenshuis.

Titelsong ‘Come On In’ komt pas in de tweede helft van het album, maar was bij uitstek geschikt geweest als openingsnummer. Al was het dan een inleidend begin geweest in plaats van de directe start die het album nu heeft, wat ook prima werkt. Nu is ‘Come On In’ meer een soort tussenpauze, die overigens weer up-tempo wordt opgevolgd door ‘No Steve Vai’.

Om dan op de valreep nog even een kleine vergelijking te maken; ‘Sad Replacement’ had ook geschreven kunnen zijn door die andere – ter ziele – Excelsior-band; Daryll-Ann. Met de stem van Jelle Paulusma of Anne Soldaat was het waarschijnlijk wat slepender geworden. Was ongetwijfeld mooi geweest, maar ook in de eigen versie van The Kevin Costners mag het liedje er zeker zijn. Net als het album, dat na twaalf nummers en ruim een uur tijd, afsluit met ‘The Lights’. Die lichten gaan hier nu uit, maar zodra ze weer aan gaan, is het helemaal niet vervelend als op de achtergrond The Kevin Costners vast aanstaat.

aantal tracks: 12
speelduur: 61:06 minuten

Op de MySpace van The Kevin Costners is een deel van het album te beluisteren.

Good Things End – ‘Out Of Nowhere’

Matthijs | May 21st, 2008 - 4:36 pm

Een familieband, daar zijn er over het algemeen niet heel veel echt succesvol van geworden. Natuurlijk zijn er enkele voorbeelden, The Jackson Five, The Corrs, The Kelly Family en – kortstondig – Hanson. Uit Gelderland kwam twee jaar geleden opeens Good Things End opgedoken. De vroege succesjes bestonden uit een opname in de TMF-Kweekvijfer, een superclip op dezelfde televisiezender en de benoeming tot Serious Talent bij 3FM. Beide staan overigens trots vermeld op de achterkant van de debuuthoes van ‘Out Of Nowhere’.

Het album is niet haastig opgenomen; er is – verstandig – de tijd voor genomen. In de tussentijd heeft de band, die ooit begon als coverband van de drie broers, in eigen land podiumervaring opgedaan. Rocksongs met een poppy randje, geschikt voor het grote publiek, beweert de band te maken op haar debuut. Vandaar wellicht de ballad op nummer vier van het album. De eerste drie liedjes voldoen aan de omschrijving en aan de verwachting; niet vernieuwend, maar wel solide en goed ingespeeld. De ballad, ‘Lonely’, is echter een nietszeggend en op z’n zachts gezegd eentonig werkje. Alsof er is gedacht: “oh we moeten er ook een ballad op zetten, hoe worden die ook alweer gemaakt” en er vervolgens in de bibliotheek een reeds afgeschreven instructieboekje is opengeslagen. Tekstueel een niemandalletje en muzikaal slaapverwekkend.

‘I Know’, het nummer waarmee eerder al TMF en 3FM bereikt werden, is meer in de richting van het geluid, waarin de band beter uit de verf komt. Stoere, maar toch weer niet zo, gitaarpartijtjes en een herkenbaar stemgeluid dat melodieuze en meezingbare melodielijnen volgt. Het verzacht de zure nasmaak van de voorganger enigszins. Die nasmaak komt de daaropvolgende nummers gelukkig ook niet direct terug.

De sinds ‘Lonely’ lichtelijk gevreesde rust komt wel weer om de hoek kijken bij ‘Still Believe’, een pianoballade waarop het echter de stem van zangeres Colette is, die het lied fier overeind houdt. Hier zit wel spanning in, in tegenstelling tot de eerdere poging. Het is daarentegen ook dit moment dat doet beseffen dat er uit de zangeres meer zou kunnen komen, dan wat op ‘Out Of Nowhere’ tentoongesteld wordt. Het is niet de meest spannende hoek waarin de band zich positioneert, mede dankzij de weinig hoogstaande of bijzondere gitaararrangementen. Een stem die zich wellicht prima zou lenen voor meer experimentelere dingen, laat zich – uit familieliefde, of gewoon muzikale voorkeur – wel in een heel nauw vat proppen.

Of in dat kleine vat een groot succes te boeken valt, is niet te zeggen. Commercieel misschien, qua spanning of ontwikkeling zal de band haar naam onvermijdelijk een keer eer aan doen. Los van de teksten, die gebaat zijn bij iets meer abstractheid, zijn de arrangementen niet ontwikkeld, spannend of mooi genoeg om de oren echt te spitsen. Al doet de verborgen versie van ‘I Know’ aan het einde van het album nog wel een noemenswaardige poging.

aantal tracks: 11
speelduur: 46:24 minuten

Op de MySpace van Good Things End zijn vier liedjes van ‘Out Of Nowhere’ te beluisteren.